Stel je voor: het is donderdagavond, half zeven. Je haast je na het werk naar de binnenstad om nog even die ene broek te passen of dat cadeautje te scoren. Heel normaal, toch? Toch was dat een halve eeuw geleden ondenkbaar. De koopavond in Nederland is zo vanzelfsprekend geworden dat we er nauwelijks bij stilstaan. Maar hoe is die donderdagavond eigenlijk uitgegroeid tot dé winkelavond van het land?
Tot ver in de twintigste eeuw waren de openingstijden van winkels streng geregeld. Winkels gingen om zes uur dicht en op zondag was alles potdicht. Punt. De overheid bepaalde wanneer er gewinkeld mocht worden, en daar viel niet over te onderhandelen. In 1976 kwam daar voorzichtig verandering in: gemeenten kregen de mogelijkheid om één koopavond per week toe te staan. De meeste kozen voor donderdag, en daarmee was een traditie geboren.
Waarom juist de donderdag? Praktische redenen speelden een grote rol. Vrijdag was van oudsher de dag waarop veel werknemers hun loon kregen. De donderdag lag daar vlak voor, en door op die avond te winkelen konden mensen alvast hun aankopen plannen. Bovendien wilden winkeliers de vrijdagmiddag en zaterdag niet “kannibaliseren”, want dat waren al drukke momenten.
De grote omslag kwam in 1996, toen de Winkeltijdenwet flink werd verruimd. Winkels mochten voortaan doordeweeks tot 22.00 uur open blijven. Toch bleef de donderdagavond in veel steden de vaste koopavond. De gewoonte zat er simpelweg in, bij winkeliers én bij consumenten. Zo hardnekkig kan een traditie zijn.
In de jaren tachtig en negentig was de koopavond in Nederland nog iets bijzonders. Gezinnen maakten er een uitje van. Je ging niet alleen winkelen, je at een patatje in de stad, bekeek de etalages en liep gezellig rond. Het had bijna iets feestelijks. Binnensteden leefden op donderdagavond op een manier die je doordeweeks niet zag.
Met de verruiming van de openingstijden veranderde dat gevoel langzaam. Toen winkels op steeds meer avonden open mochten, werd de koopavond minder speciaal. In grote steden als Amsterdam, Rotterdam en Utrecht kun je tegenwoordig vrijwel elke avond terecht. Toch houden kleinere gemeenten vaak vast aan die ene vaste avond. Herkenbaar en overzichtelijk, voor zowel de ondernemer als de klant.
Wil je weten welke week het is om je winkelbezoek te plannen rond een bepaalde actieweek? Veel retailers koppelen hun aanbiedingen namelijk aan specifieke weeknummers. Handig om even te checken.
Naast de koopavond heeft Nederland er de afgelopen jaren een ander fenomeen bij gekregen: de koopzondag. Sinds de wetswijziging van 2013 mogen gemeenten zelf beslissen of winkels op zondag open mogen. In veel steden is de zondag inmiddels een volwaardige winkeldag. Dat heeft onvermijdelijk gevolgen voor de traditionele donderdagavond.
Toch zijn het twee verschillende belevingen. De koopzondag trekt vaak een relaxter publiek: mensen die rustig rondneuzen, een koffietje drinken en winkelen combineren met een dagje stad. De koopavond is doelgerichter. Je weet wat je nodig hebt, je gaat erheen en je bent weer thuis voor het avondprogramma op televisie. Twee smaken, elk met hun eigen charme.
Overigens zijn er in Nederland ook vergeten feestdagen waarop winkels juist gesloten zijn. Denk aan Goede Vrijdag of Bevrijdingsdag: dagen waarvan je soms pas bij de dichte deur merkt dat het een bijzondere dag is.
De drukte tijdens koopavonden verschilt sterk per seizoen. In de donkere maanden, vooral november en december, barsten binnensteden op donderdagavond uit hun voegen. Sinterklaasinkopen, kerstcadeaus, Black Friday: alles komt samen. In de zomer is het juist een stuk rustiger, want dan zijn veel Nederlanders op vakantie. Benieuwd wanneer de grootste vakantiepiek in Nederland valt? Dan snap je meteen waarom juli en augustus de stilste winkelmaanden zijn.
Retailers spelen slim in op die pieken. Late night shopping-evenementen, modeweekenden en seizoensuitverkopen worden vaak rond de koopavond georganiseerd. Voor ondernemers die hun marketingacties willen afstemmen op bijzondere dagen, biedt de inhaakkalender van dit jaar een handig overzicht van themadagen en commerciële momenten.
De opmars van webshops heeft het winkellandschap drastisch veranderd. Waarom zou je op donderdagavond de kou trotseren als je vanuit je bank kunt bestellen? Toch blijkt uit onderzoek dat fysiek winkelen niet verdwijnt. Consumenten zoeken de combinatie: online oriënteren, offline passen en kopen. Of andersom. De koopavond overleeft, maar in een andere vorm.
Steeds meer winkelgebieden zetten in op beleving. Livemuziek, foodtrucks, pop-upwinkels: de donderdagavond wordt weer een evenement, net als vroeger. Het verschil is dat de concurrentie nu niet alleen van andere winkeldagen komt, maar ook van het scherm in je broekzak. Winkeliers die dat begrijpen, maken van de koopavond iets waar geen webshop tegenop kan.
De koopavond in Nederland is in een halve eeuw veranderd van een schaarse gunst naar een ingesleten gewoonte, en nu naar een avond die zichzelf opnieuw moet uitvinden. Eén ding blijft: op donderdagavond branden in veel Nederlandse winkelstraten de lichten nog volop. En eerlijk? Dat voelt gewoon een beetje als thuiskomen in de stad.
Als je dit resultaat opslaat, kun je het later terugvinden in je account.