Wie ooit in het voorjaar een kast heeft opgeruimd, weet hoe verleidelijk het is om tassen met kleding direct weg te brengen. Dat is geen toeval. Voor kringloopwinkels is de lente al jaren een piekperiode. In maart, april en mei komen opvallend veel zakken binnen. Dit past perfect binnen het patroon van kledingdonaties per seizoen. Na de winter voelen veel mensen de behoefte om opnieuw te beginnen. Dikke truien, jassen en kleding die niet meer past, maken plaats voor lichtere outfits.
Daarnaast speelt het weer een rol. Zodra de dagen langer worden en de zon vaker schijnt, krijgen mensen meer energie om op te ruimen. Ook is er minder emotionele binding met winterkleding dan met bijvoorbeeld zomeritems die aan vakanties doen denken. Voor kringloopwinkels is dit een voorspelbaar moment waarop de opslag snel volloopt. Kledingdonaties per seizoen laten hier duidelijk zien hoe sterk gedrag samenhangt met ritme en temperatuur.
In de zomer zien kringloopwinkels vaak een lichte dip in het aantal kledinggiften. Vakanties, warme dagen en een druk sociaal leven zorgen ervoor dat opruimen geen prioriteit is. Toch verdwijnen kledingdonaties per seizoen niet helemaal uit beeld. Ze worden alleen anders van aard. Mensen doneren vaker zomerkleding die ze dat jaar toch niet hebben gedragen, of kleding die mee op vakantie was maar ongebruikt bleef.
Ook verhuizingen spelen in de zomer een rol. Studenten, starters en gezinnen verhuizen vaak in deze maanden. Daarbij wordt kritisch gekeken naar wat mee moet naar de nieuwe plek. Dit levert kleinere, maar doelgerichte donaties op. Geen volle kasten tegelijk, maar selectieve keuzes. Voor kringloopwinkels betekent dit een constantere stroom zonder grote pieken. Kledingdonaties per seizoen laten hier zien dat minder niet altijd slechter is: de kwaliteit en relevantie van de kleding ligt vaak hoger in deze periode.
Zodra september aanbreekt, verandert het ritme opnieuw. De herfst markeert voor veel mensen een nieuw begin. Scholen starten, routines keren terug en ook thuis wordt het overzicht hersteld. Dit is het tweede grote moment in het jaar waarin kledingdonaties per seizoen duidelijk zichtbaar worden. Zomerkleding wordt opgeborgen en winterkleding komt weer tevoorschijn. Daarbij wordt opnieuw gesorteerd.
Veel mensen merken dat bepaalde kleding niet meer past, versleten is of simpelweg niet meer bij hun stijl hoort. Vooral jassen, vesten en schoenen belanden in deze periode bij de kringloop. Het is een logische beweging: ruimte maken voor het nieuwe seizoen. Ook speelt het weer mee. Regenachtige dagen nodigen uit tot binnen blijven en opruimen. Voor kringloopwinkels is de herfst daarom een betrouwbare periode met een hoge instroom. Kledingdonaties per seizoen volgen hier bijna een vast draaiboek dat elk jaar terugkomt.
De winter lijkt op het eerste gezicht een rustige periode voor donaties, maar schijn bedriegt. Rond december en januari ontstaat een opvallende piek. De feestdagen zorgen voor nieuwe kleding, cadeaus en opruimdrang. Na kerst en vooral in januari, wanneer goede voornemens populair zijn, besluiten veel mensen hun kast opnieuw aan te pakken. Ook hier spelen kledingdonaties per seizoen een voorspelbare rol.
In deze maanden gaat het vaak om grotere opruimacties. Mensen willen overzicht, rust en een frisse start van het jaar. Oude kleding die al jaren onaangeraakt hangt, wordt eindelijk losgelaten. Voor kringloopwinkels is dit een waardevolle periode, ondanks het koude weer. De motivatie is mentaal sterker dan praktisch. Zo sluiten kledingdonaties per seizoen de cirkel: elk seizoen heeft zijn eigen moment, reden en ritme.
Als je dit resultaat opslaat, kun je het later terugvinden in je account.